Kleding monitor gaat fashion libraries helpen

Kledingmonitor

Over enkele jaren kan je ook in ‘gewone winkels’ kleding lenen. Dit is wat de fashion libraries in Nederland voorspellen en zij willen deze beweging in Nederland versnellen. Dat kan alleen als merken enthousiast worden. De Kleding monitor gaat uitkomst bieden, door gegevens van geleende mode én klanten te verzamelen en beschikbaar te maken voor merken. De Kledingmonitor is een initiatief van GreenWish en Lena Library en gemaakt door Bee-Ideas. Daarnaast werken Hulaloop, Circos, Outfit Library Less en Bij Priester er aan mee.

Meer fashion libraries in Nederland

Kledingverhuur is het snelst groeiende onderdeel van de modesector, blijkt uit onderzoek van onderzoeksbureau GlobalData. Volgens dit onderzoek zal de markt voor online kledingverhuur in 2023 groeien naar 2,5 miljard dollar (2,2 miljard euro). Lena in de Westerstraat in Amsterdam was de eerste echte kleding­bibliotheek van Nederland. Inmiddels zijn er 5 tot 7. De fashion libraries onderscheiden zich van de kringloopwinkels en vintage. De mode is in de regel nieuw en van hoge kwaliteit. Enkele merken beginnen ook eigen kleding te verhuren. Recent lanceerde H&M het leen-model in Stockholm. En Urban Outfitters Inc. startte deze zomer Nuuly, een verhuurservice voor hun eigen merkkleding en voor labels die bij hen verkocht worden, zoals onder andere Levi’s.

Lenen is business

De libraries laten zien dat lenen business is. Hoe langer de mode meegaat, des te sterker de business case. Alleen als de mode niet snel stuk gaat, of geen gebruikssporen krijgt, kan het lang en vaak geleend worden. De ondernemers laten zien dat dat het werkt. Mensen lenen kleding, vooral omdat het beter is voor het milieu, goedkoper is en om miskopen te voorkomen. Het is een alternatief voor fast fashion.

Merken zijn voorzichtig

Er bestaan veel vooroordelen bij merken over lenen. Men denkt dat de kleding snel zal slijten door onvoorzichtigheid. Maar dat is niet de ervaring van de libraries. Mensen zijn extra voorzichtig met hun geleende spullen. Bovendien wassen de klanten de kleding meestal niet zelf en juist het reinigen is kritiek. Door op de goede manier te reinigen blijft kleding veel langer mooi.

Men denkt ook dat het imago van lenen niet zal passen bij hun klanten. Maar veel merken hebben weinig contact met hun klanten. De libraries hebben juist een heel goed contact met hun klanten. Zij betrekken hen bij ondernemersvragen, zij werken samen met ‘hun communities’ om het concept te verbeteren. Hieruit blijkt onder meer dat jonge klanten door te lenen vertrouwd raken met merken die zij nu nog niet kunnen betalen, maar straks wellicht wel. Merken kunnen via de libraries veel meer te weten komen over hun klanten en hun ervaring met de kleding.

Waarom een monitor

De Kleding monitor is een idee van GreenWish na een sessie van Duurzame Dinsdag met fashion libraries en hun stakeholders. De libraries gaven aan een betere onderhandelingspositie te willen met de merken. Nu kopen ze de kleding zelf in via diverse kanalen. Maar liever zouden zij met specifieke merken direct zaken doen. Dat lukte nog niet op grotere schaal. Door merken te gaan ‘benchmarken’ en informatie te vergaren over collecties en klanten, hebben de libraries de merken meer te bieden. Het idee is geïnspireerd op de Reparatiemonitor van de organisatie Repair Café. Het ministerie van I&W/RWS stelde GreenWish en de libraries in staat om dit idee uit te werken.

Bee-Ideas en de Kleding monitor

De eerste versie van de Kleding monitor is gebouwd door Bee-Ideas. Deze sociale onderneming helpt mensen met afstand tot de arbeidsmarkt richting werk, door IT-oplossingen uit te werken voor duurzame doelen. Een win-win situatie. De Kleding monitor werd in oktober afgerond. Het prachtige product, dat samen met de libraries is ontwikkeld, is zo opgezet dat het de libraries weinig extra inspanning kost. De libraries blijven eigenaar over hun eigen data. Zij spreken gezamenlijk af welke gegevens geanalyseerd mogen worden en voor wie.

Doorkijk naar de toekomst

De volgende stap is dat we met hulp van het ministerie van I&W, de monitor gaan uitproberen met nieuwe collecties. We gaan in 2020 minimaal 5 merken uitnodigen om specifieke collecties via de libraries te verspreiden. Vervolgens gaan we de gegevens monitoren en analyseren voor de merken en de libraries. Uiteindelijk hopen we dat deze vorm van ondernemen meer algemeen zal worden. Het zal hopelijk een impuls geven om ook collecties te ontwerpen die lang goed én populair blijven. En dat is duurzaamheidswinst.

 

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.